DDT en de ooievaar

door | 15 okt 2016 | Blog, DDT, Ooievaar | 0 Reacties

Toen het nog zomer was, spraken we met vrienden af een keer in de Ooijpolder te gaan picknicken. Begin oktober was het zo ver. De middag was kil, winderig en bewolkt, maar we hadden ons goed aangekleed, aten wat, dronken een glas en verwarmden ons met koffie. Het gesprek kwam op de ooievaars die we in het weiland zagen lopen. Een van ons wist dat er een stuk of dertig in de Ooij woonden.

Dat was een stuk meer dan in onze jeugd. De enige ooievaar die Nederlandse kinderen in de jaren zestig kenden, was de snibbige juffrouw Ooievaar uit de Fabeltjeskrant. Het ging dan ook uitermate slecht met deze prachtige stelvogel.

Toen ik net kon lezen, had ik van mijn vader het boekje Zo leer je vogels kennen van Ko Zweeres gekregen. Het was een uitgave van Rizla. Bij ieder pakje vloeitjes kreeg mijn vader een inplakplaatje. Gelukkig rookte hij zoveel dat ik binnen een paar maanden het laatste plaatje mocht inplakken. (Hij was zo’n man die ’s ochtends met een sjekje achter elk oor de deur uitging. Aan het eerste begon hij zodra hij op zijn fiets zat; het tweede was op voordat hij op zijn werk was).

De toestand van de ooievaar was dramatisch, schreef Zweeres. In 1910 telde Nederland vijfhonderd nesten, in 1960 nog maar zestig. En het werden er steeds minder. De schrijver vroeg zich zelfs af of de ooievaar als broedvogel in Nederland behouden kon blijven. De oplossing die de Vogelbescherming aandroeg – nesten opknappen – maakt duidelijk, dat men slechts één oorzaak van dit ooievarendrama in beeld had.

De andere was, weten we nu, het bestrijdingsmiddel DDT, waarmee we bij een volgende foto komen, die in mijn kantoor heeft opgehangen. Ze komt uit Holland’s industries stride ahead, een boek dat de kracht van het vaderlandse bedrijfsleven propageerde. Op de foto van Cas Oorthuys zien we twee mannen die – zonder mondkapje of beschermende kleding – twee stralen vloeistof hoog de boomgaard inspuiten. Het onderschift meldt: ‘Insect pests simply hate Dutch industrial products’.

Maar, zo bleek, niet alleen schadelijke insecten hebben de pest aan dit gif, ook de kikkers en ooievaars die hoger in de voedselketen zitten. In 1939 deed de Zwitser Paul Müller de verheugende ontdekking wat een krachtig insecticide DDT was. De vreugde was zo groot (dankzij DDT verdween malaria uit een groot deel van de wereld) dat hij in 1948 de Nobelprijs voor de geneeskunde ontving. Vervolgens bleek dat DDT ernstige schadelijke neveneffecten had, zo schadelijk dat de Amerikaanse biologe Rachel Carson haar boek hierover Dode lente noemde. Ze voorspelde een lente zonder vogelzang, omdat alle vogels door de DDT andere pesticiden zouden uitsterven.

Zover is het gelukkig niet gekomen. De milieuproblemen in de wereld zijn overweldigend, maar er zijn nog steeds zangvogels om de nieuwe lente aan te kondigen.

Share This